“Oefenwedstrijden. Vreselijk.”

Door Marcel de Dood in de rubriek Blessuretijd

“Ik heb er zo’n hekel aan. Dan moet je al om 18.30 uur op de club zijn na je werk. Dan heb ik nog niet gegeten. Oefenwedstrijden. Vreselijk.” Sander Hoffmann (31) is de vaste keeper van Zondag 1 en speelt ze gelukkig niet vaak. Maar wel op een regenachtige dinsdagavond in oktober. “We speelden tegen de amateurs van Sparta. Door omstandigheden had onze selectie toen geen tweede keeper. Meestal speelt die de oefenwedstrijden om ritme op te doen. Die avond ik dus. Vreselijk, tot je op het veld staat. Dan gaat het meestal wel.”

Tekst loopt door na de foto

Blessuretijd foto

Sander krijgt in de eerste helft een diepe bal. Op de rand van de zestien plukt hij die uit de lucht en hij krijgt een zet van de spits, zoals iedere wedstrijd wel een paar keer gebeurt. “Ik land op mijn linkervoet en dacht dat ik die verzwikte. Ik heb dat vaker gehad, het voelde precies hetzelfde.” De vader van Justin Spruijt filmde de wedstrijd en op die beelden zag Sander later dat hij gewoon landde. Het herstel duurde langer dan normaal. Normaal kun je na enkele dagen wel weer normaal bewegen, maar dit keer bleef hij last houden met traplopen en bij scherpe bochten, ook op zijn werk als Manager Logistiek bij Sligro. Via fysiotherapeut Kevin Neleman kan Sander snel bij orthopeed Fontijne in het IJsselland terecht. “Een man van weinig woorden. Hij constateerde niets bijzonders op de MRI-scan. Mijn enkels zijn een beetje ingezakt, dat wel.”

Met stabiliteit- en krachtoefeningen herstelt Sander toch, langzamer dan anders. “Na rust in de winterstop en opbouw in het trainingskamp in Marbella leek ik toch klaar voor de eerste wedstrijd tegen Olympia. We speelden daar op een slecht grasveld. Voor rust voelde ik de pijn terug komen. Het blijft bijzonder, dat onder wedstrijdspanning blessures toch anders zijn dan met intensieve trainingen. Vlak voor rust gleed ik weg toen ik een lange bal trapte. Ik had weer precies hetzelfde gevoel alsof ik mijn enkel verzwikte.”

Fontijne stelt een kijkoperatie voor om de diagnose ‘van binnen’ te doen. Ook daarmee constateert hij niets raars. Hij haalt alleen wat littekenweefsel van eerdere blessures weg. “Liever had ik gehoord dat er een echte oorzaak was, zoals een botsplinter of een scheurtje. Dan weet je dat een oorzaak weg is. Na de operatie kon ik al snel weer goed lopen, al heb ik nog pijn aan de binnenkant van mijn enkel. Toch heb ik vertrouwen in het herstel, want ik was er al dicht bij. Alleen begon ik iets te snel, vind ik achteraf.”

Tekst loopt door na de foto

_V176923.jpg

Dit seizoen zal Sander niet meer spelen. “Met Zondag 1 staat niets meer op het spel. Volgend jaar start ik bij Zaterdag 1. Jaren geleden speelde ik bij Alexandria en die switchte ook naar de zaterdag. We gingen van de 4e naar de 1e klasse met mij op doel. Gerard Geerders zit nu bij Nieuwerkerk en toen bij Alexandria op de bank. Een geweldige tijd. Dat wil ik vanaf volgend seizoen ook met Nieuwerkerk. Ik ben nu 31 en ik stel me voor dat ik mijn carrière bij Nieuwerkerk afsluit, minimaal in de 2e klasse Zaterdag. Daarvoor wil ik volgend jaar helemaal fit zijn!”

Na zijn carrière verwacht Sander nog vaak op de club te zijn. “Gosia en ik hebben een zoontje. Jesse is negen maanden. Zijn opa en zijn vader waren keeper, dus wellicht belandt hij ook bij Nieuwerkerk op doel. Dan wil ik een trainer zijn, net zo goed als Theo Speelmeijer, die mij altijd goed weet te prikkelen. Er is zoveel dat jonge kinderen kunnen leren. Ik trainde pas op voetenwerk en coördinatie in de senioren, stel je voor dat je daar al veel vroeger meer begint!”

Enkelinstabiliteit – door Kevin Neleman

Dat er niets gevonden is, in de zin van een botsplinter of scheurtje, lijkt misschien “geen” goed nieuws. Wij zijn dan eigenlijk wel tevreden, omdat er geen echte beschadiging is. De conclusie die dan getrokken kan worden is: instabiliteit. Het enkelgewricht bestaat eigenlijk uit twee gewrichten: het bovenste (kuitbeen/scheenbeen en sprongbeen) en onderste gewricht (sprongbeen en hielbeen). Bij Sander was er duidelijk teveel ruimte in de gewrichten. Dan spreken wij over instabiliteit.

Instabiliteit kan aangeboren zijn, leeftijdsafhankelijk of veroorzaakt door verzwikkingen. Dat laatste komt het meeste voor, zeker bij voetballers. Na verzwikkingen zien wij nog vaak dat voetballers last houden van zwikneigingen of het gevoel van zwikken. Wanneer je je verzwikt hebt, is het belangrijk dit geleidelijk op te bouwen. Hervat niet te snel een sport waarbij de kans op verzwikken extra groot is, bijvoorbeeld veldsporten op een onregelmatig terrein. In sommige gevallen is tijdelijk intapen aan te raden. Dit opbouwen doe je in overleg en onder begeleiding van een fysiotherapeut.

Soms zijn er sporters met een aangeboren grotere bewegelijkheid van gewrichten (hypermobiel). Voor hen is het van groot belang om oefeningen te doen, en te blijven doen, om de gewrichten te verstevigen.

In de groeispurt-periode zien wij soms dat sporters een “gevoel van instabiliteit” hebben. Dat komt omdat de botten in een korte periode snel groeien, waardoor gewrichten de ‘controle’ even kwijt zijn. Het voetenwerk en coördinatie waar Sander over spreekt, zijn juist dán extra belangrijk. Door goede fysieke training, zoals loop-, coördinatie- en krachttraining, verbetert het gevoel van stabiliteit.

Voorkomen is beter dan genezen! Doe daarom preventief stabiliteitsoefeningen (o.a. touwtje springen) voor de enkel. Zo is er bijvoorbeeld een App ontwikkeld, de “Versterk je Enkel App”, waarin verschillende oefeningen staan die de enkel versterken en enkelblessures kunnen voorkomen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s